De geschiedenis

Hattem kreeg in het jaar 1299 van Graaf Reinald I stadsrechten. Sindsdien kon het stadsbestuur zelf rechtspreken en een beschermende stadsmuur met poorten bouwen.

Hertog Willem van Gelre schonk Hattem in 1401 de Hoenwaard, waar de burgers die binnen de stadsmuren woonden hun vee mochten laten grazen en steen mochten bakken.

In het begin van de vijftiende eeuw liet de hertog van Gelre aan de rand van zijn grensvesting Hattem voor zichzelf een kasteel bouwen dat twee torens kreeg met een diameter van 21 meter een muurdikte van zeven meter, die uniek in Nederland was. Het kasteel werd door de bevolking met recht “De Dikke Tinne” genoemd. Regelmatig woonde de hertog hier een poosje met zijn hofhouding.

Toen de Geuzen het in Hattem vanaf de zomer van 1572 het enkele maanden voor het zeggen hadden, is de stad overgegaan tot het protestantisme. De katholieke drost Willem van Montfoort heeft in 1580 het kasteel door verraad in handen van Spaanse soldaten gespeeld, maar door snelle reactie van de burgers, geholpen door buursteden, zijn die er snel weer uit gewerkt.

De stadsbesturen werden na 1750 op de Veluwe benoemd door de Stadhouder, die er een rommeltje van maakte. Tegen deze en nog vele andere wantoestanden kwamen de patriotten in verzet. Ook in Hattem, waar ze werden geleid door de hier geboren Herman Willem Daendels. Het draaide bijna op een burgeroorlog uit. Hattem werd in 1786 door Stadhouderlijke troepen hoegenaamd zonder slag of stoot bezet en de patriotten sloegen op de vlucht. Enkele raddraaiers werden tot verbanning veroordeeld, inclusief Daendels, die later nog belangrijke functies zou bekleden, zoals Gouverneur Generaal van Oost-Indië.

De Dikke Tinne

Het kasteel de Dikke Tinne was het kleinste kasteel in Gelre met muren van zeven meter dik. De torens hadden spitse daken bedekt met leien. Het kasteel werd omgeven door een slotgracht. Aan de overkant van de gracht stonden de voorburcht en de slotpoort. De burcht had duidelijk een militaire functie; de korte dikke muren, verhoudingsgewijs omvangrijke torens, kanonnen, en in de slotgracht gevonden haakbussen wijzen daarop. Het kasteel speelde in de 15de en de 16de eeuw een belangrijke rol in de geschiedenis van Hattem. Vooral tijdens de oorlogen met het Oversticht (het huidige Overijssel) en later tijdens de Tachtigjarige Oorlog tegen de Spanjaarden.

De burcht was een dorp op zich, omringd door muren en een gracht. Op de voorburcht woonde het vaste personeel, waaronder de stalknecht, de visser, de brouwer en de bakker, de smid en de timmerman. Hier werden ook de voorraden voor het kasteel opgeslagen, zoals turf, meel en rogge en stonden er stallen voor de vele paarden. De burcht was goed verdedigbaar en heeft gefunctioneerd tot aan het einde van de zestiende eeuw. Hij werd nadien afgebroken. In 1778 werd de overgebleven ruïne met de grond gelijk gemaakt en de bijna twee miljoen bakstenen verkocht.

In de 19de eeuw verrichtte F.A. Hoefer onderzoek naar het kasteel en zette het daarmee weer op de kaart van Hattem. Onder toezicht van de Rijksdienst Oudheidkundig Bodemonderzoek, ROB, vonden in 1981 en 1989 opgravingen plaats door de vrijwilligers van Heemkunde Hattem. In verband met de herinrichting van het Tinneplein verzocht de gemeente Hattem in 1981 de ROB de exacte locatie van de Dikke Tinne te traceren. In de bestrating van het Tinneplein zijn de contouren zichtbaar gemaakt van de kleinste burcht met de dikste muren van Nederland.

Daendels

Herman Willem Daendels (1762-1818) was geboren en getogen in Hattem, afkomstig uit een regentenfamilie en één van de voormannen van de Hattemer burgerij. Die wilde een grotere invloed van de burgers op de benoeming van het stadsbestuur door prins Willem V. Zij noemden zich Patriotten, vaderlandslievenden. In 1786 leidde de toen 23-jarige Herman Willem Daendels de opstand in Hattem tegen Willem V. De patriottische burgercompagnieën werden gesteund door patriotten uit Overijssel. De Pruisische troepen van de prins joegen hen echter op de vlucht en bezetten Hattem. Daendels week uit naar Frankrijk.

De Franse Revolutie van 1789 had ook voor de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden grote gevolgen. In januari 1795 marcheerde een Frans leger onder commando van Pichegru het land binnen. De patriotten hadden zich in Frankrijk geformeerd in een legioen, dat onder bevel stond van generaal Herman Willem Daendels. Willem V vluchtte per vissersboot naar Engeland. De Patriotten namen de macht over en riepen de Bataafse Republiek uit. Daendels speelde een prominente rol in de binnenlandse politiek bij het opstellen van de nieuwe grondwet.

Lodewijk Napoleon, koning van Holland, benoemde Daendels in 1807 tot gouverneur-generaal van Nederlands Indië. Op Java werd onder zijn leiding een groot aantal hervormingen doorgevoerd en de Grote Postweg aangelegd. De aanleg van de Postweg heeft meer dan tienduizend Javanen het leven gekost vanwege de besmettelijke ziekten die uitbraken door de slechte hygiënische toestanden waaronder gewerkt moest worden. Teruggeroepen door keizer Napoleon werd Daendels benoemd tot commandant van een legerdivisie en nam deel aan de Russische Veldtocht.

Na de val van Napoleon verzocht Daendels koning Willem I, om een nieuwe benoeming. Hij werd aangesteld als gouverneur-generaal van Guinea, aan de Goudkust in West-Afrika. Zijn komst in 1816 viel samen met afschaffing van de slavenhandel door Nederland. Daendels overleed in 1818 ten gevolge van de gele koorts en werd in het fort Elmina begraven.

Het Daendelshuis en het Daendelspoortje in Hattem herinneren aan de beroemde inwoner van deze stad.

All Rights Reserved